In stand houden slapend dienstverband in strijd met goed werkgeverschap

In één van mijn vorige blogs ben ik kort ingegaan op de Wet Compensatie Transitievergoeding (WCT). Deze wet maakt het mogelijk om bij ontslag van een langdurige arbeidsongeschikte werknemer bij het UWV compensatie aan te vragen voor de transitievergoeding die aan de werknemer wordt betaald. De compensatieregeling kan nog niet worden gebruikt. De regeling gaat pas op 1 april 2020 in. Desondanks anticipeert de rechtspraak al op die regeling.

Nieuwe rechtspraak anticipeert op WCT

Recentelijk heeft een rechter opnieuw geoordeeld dat het in stand houden van een slapend dienstverband in strijd kan zijn met slecht werkgeverschap. De kantonrechter van de Rechtbank Gelderland (ECLI:NL:RBGEL:2019:3440) deed dit onlangs onder uitdrukkelijke verwijzing naar de WCT. Een soortgelijk oordeel werd eind maart 2019 ook al gegeven door de kantonrechter van de rechtbank Den Haag en door enkele andere kantonrechters.

Uit de verschillende uitspraken die er nu liggen kan worden geconcludeerd dat het antwoord op de vraag of het in stand houden van de arbeidsovereenkomst van een langdurig arbeidsongeschikte werknemer in strijd is met goed werkgeverschap steeds afhangt van de feiten en omstandigheden van het specifieke geval.

In strijd met goed werkgeverschap

In zijn uitspraak beoordeelt de kantonrechter van de rechtbank Gelderland de feiten en omstandigheden van de zaak. De zaak draait om een langdurig zieke werkneemster die ruim 35 jaar bij de werkgever in dienst is.  De werkneemster vraagt de werkgever het dienstverband te beëindigen zodat zij aanspraak kan maken op de transitievergoeding. De werkgever weigert dit, omdat de werkneemster bijna tegen pensioengerechtigde leeftijd zit en de arbeidsovereenkomst daardoor van rechtswege zal eindigen. In dat geval zal de werkgever géén transitievergoeding moeten betalen.   De kantonrechter weegt de wederzijdse belangen van de partijen af.  Daaruit concludeert hij dat het door de betreffende werkgever niet beëindigen van dienstverband van de langdurig zieke werkneemster en het niet betalen van de transitievergoeding in strijd is met goed werkgeverschap.

Geen verplichting tot beëindiging slapende arbeidsovereenkomst, maar toch…

Volgens de kantonrechter staat er in de WCT weliswaar niet dat een werkgever verplicht is om een slapend dienstverband te beëindigen, maar de werkgever heeft ook niet (meer) volledig de vrije keus in wat hij in een dergelijke situatie doet. De kantonrechter oordeelt dat “als ‘niet-opzeggen’ en daarmee het ‘niet-betalen van de transitievergoeding’, ondanks de bedoeling van de wetgever en de mogelijkheid van compensatie, steeds ter vrije keus van de werkgever zou staan, bestaat het risico dat, met name in gevallen waarin de werknemer duurzaam volledig arbeidsongeschikt is en de werkgever geen enkel belang bij opzegging van de arbeidsovereenkomst heeft, het door de wetgever beoogde recht op een transitievergoeding voor deze categorie werknemers illusoir wordt.

Onder bepaalde omstandigheden kan het niet-beëindigen en niet-betalen van een transitievergoeding daarom strijdig zijn met goed werkgeverschap.

Heb je vragen over het onderwerp uit dit blog? Neem dan gerust contact met mij op. Dat kan telefonisch (076-513 93 08) en per email (info@advocaatinbreda.nl). Je kan jezelf natuurlijk ook aanmelden voor het gratis spreekuur.